Nieuwe onderzoeken

Jongste gaat nu voor een nieuw onderzoekstraject naar Utrecht. Hartstikke spannend natuurlijk, gelukkig gaan pappa en mamma mee. We moeten om half 10 in Utrecht zijn, dus rijden we voor half 8 weg. Ruimschoots op tijd, dan kunnen pappa en mamma in het ziekenhuis gewoon rustig koffie drinken voor de onderzoeken beginnen en kan jongste wennen aan de omgeving. Pappa en mamma zijn verslaafd aan koffie en drinken tijdens de autorit dus ook alvast een thermosfles leeg. Dat ze vervolgens vanaf Alkmaar in de file staan en mamma om kwart voor 10 in de auto op knappen staat is dus haar eigen schuld!

Bij het ziekenhuis aangekomen zet pappa ons af bij de hoofdingang. Mamma weet de route binnendoor best, want ze heeft twee weken geleden even op de meegestuurde plattegrond gekeken. Tsja, maar een plattegrond is even iets anders als real life. Het ziekenhuis is megagroot en mega steriel! Met wandelpaden waar je met paard en wagen door kunt rijden, behalve dan dat die paarden vieze drollen laten, met winkels en een café in het midden en met overal zijgangen met letters. A tot en met Z en waarschijnlijk ook nog wel subnummers. Mamma plast nu echt bijna in haar broek, dus gaan we eerst naar het toilet. Mamma en jongste allebei naar de dames, want de heren toiletten zijn vies.

Voor de liftblokken rechtsaf blijkt achter de liftblokken te zijn; of mamma heeft niet goed gelezen. Rechtdoor lopen richting afdeling B32. B32. Psychiatrie. De gangen worden stiller en stiller. De gangen niet, er lopen steeds minder mensen en de mensen die er lopen zijn stil. Jongste verstijft en gaat met zijn armen langs zijn lichaam lopen, in een soort eendenpas. Als we ons melden, gaat zoon rondjes lopen rond een tafel en vervolgens op en neer door de gang. Heen en weer en heen en weer. Niemand die er van opkijkt. Er komen nog meer kinderen langs. Ook in ganzenpas. In een rij van 6 kinderen lopen ze achter een volwassene aan. Een volwassene met een pollepel, maar volgens zoon verbeeld mamma zich dat. Hij heeft geen pollepel gezien. Wel de lijnen op de vloer, de lijnen die je niet aan mag raken, want dan ga je DOOD! Mam, u bent nu hartstikke dood! Afdeling psychiatrie, dus niemand die ook maar even opkijkt.

Als we aan de beurt zijn, komen er 6 mensen op ons af. Of 7, en zoon is direct klaar daar in Utrecht. Ik wil niet geprikt worden zegt hij tegen arts nummer 1 en pakt vervolgens een donald duck. Een donald duck waar hij in verdwijnt en geen enkele andere arts krijgt nog een hand. Of een blik. Zoon leest en na uitgelezen te zijn, duikt hij de spelletjeskast in. Ondertussen weten de artsen achter spiegelmuur voldoende. Zoon kan zijn opdrachten beter in een klein kantoortje doen zonder afleidingsmogelijkheden.

Zo lopen wij even later door de gangen naar een steriel kantoor. Een steriel kantoor zonder speelgoed en zonder spiegels. Die koffiezetter heeft een hoofd met vreemde ogen, niet op de strepen staan mamma! Anders gaat u dood! Het ruikt hier naar overgeefsel, en hier naar een synthetisch goedje. Weet u wel dat hier onder deze verdieping een kantine is? Mamma zag dat, maar ik denk dat er gewoon nog een gang is. Ik wil niet geprikt worden!

Als zoon in kantoortje zit, ren ik door de verlaten gangen terug naar spiegelruimte. En zo gaat het de hele dag. Zoon doet testen in een kantoortje en wij beantwoorden vragen. Uren lang.

Aan het einde van de dag zijn wij klaar, maar zoon nog niet. Zoon zit nog steeds in steriel kantoor en wij gaan koffie drinken in de wachtruimte voor dat kantoor. De hele dag drinken we koffie uit een machine met volautomatische beker voorziening. 1 druk op de knop en een gevuld kopje valt naar beneden. Bij deze machine staan stapels witte plastic bekertjes. Stapels witte bekertjes. Wat raar denken mijn hersenen, want er is hier helemaal geen waterkraan. Pas op het moment dat de machine gaat malen en de eerste stralen koffie naar beneden laat lopen, bedenk ik me dat deze machine wellicht geen volautomatische is en dat die witte bekertjes er dus niet voor niets staan. Ik probeer met mijn linkerhand de koffie op te vangen, AU AU AU! En met mijn rechterhand een plastic wit bekertje van de toren te pakken. Ik schiet in de lach als ik me eindelijk met een half gevuld bekertje koffie omdraai en naar de overige mensen in de wachtruimte kijk. En ik begin steeds een beetje harder te lachen. 1 mevrouw moet ook grinniken, maar de overige mensen zijn zeer geagiteerd als ik ook nog in geuren en kleuren uit ga leggen wat er nu net precies verkeerd ging. Zelfs de pappa van mijn jongste wordt nu boos en mompelt dat ik dit verhaal best in de auto had kunnen vertellen, maar niet hier, niet nu en zeker niet zo hardop.

Afdeling psychiatrie. Ik heb me zelden ergens zo thuis gevoeld. Zoon mag terugkomen voor ronde twee, maar misschien kan hij zijn moeder dan thuis laten.

DSC_0886.JPG

Advertisements
This entry was posted in Autisme. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s